Myopie progressie betekent dat bijziendheid in de loop van de tijd toeneemt. Bij bijziendheid is de oogbol te lang of de brekingskracht te sterk, waardoor licht voor het netvlies wordt scherpgesteld in plaats van erop. Wanneer de oogbol verder doorgroeit, neemt de bijziendheid toe en heb je een sterkere correctie nodig om scherp te zien op afstand.
Dit gebeurt vooral bij kinderen en jongeren, vaak tussen het zesde en het achttiende levensjaar. In die periode groeit het oog nog en kan de bijziendheid elk jaar een stukje sterker worden. Bij sommige kinderen gaat dat sneller dan bij andere. Na de puberteit stabiliseert de ooggroei meestal en blijft de sterkte min of meer gelijk.
Myopie progressie wordt uitgedrukt in dioptrieen. Een toename van bijvoorbeeld -0,50 tot -1,00 dioptrieën per jaar komt regelmatig voor. Hoe hoger de uiteindelijke bijziendheid, hoe groter het risico op oogaandoeningen op latere leeftijd, zoals netvliesloslating of glaucoom. Daarom is het belangrijk om de progressie in de gaten te houden.
Factoren die een rol kunnen spelen zijn erfelijkheid, de hoeveelheid tijd die je binnenshuis doorbrengt en dichtbij-activiteiten zoals lezen of schermgebruik. Ook te weinig daglicht wordt in verband gebracht met snellere progressie, hoewel het exacte mechanisme nog wordt onderzocht.