Zwemmen met contactlenzen betekent dat je zachte of harde contactlenzen in hebt terwijl je zwemt, duikt of in contact komt met water. Veel mensen doen dit omdat ze zonder lenzen of bril slecht zien en graag helder willen blijven zien tijdens het zwemmen of andere watersporten.
Water uit zwembaden, meren, zee of zelfs kraanwater bevat echter micro-organismen zoals bacteriën, schimmels en parasieten, en vaak ook chemicaliën zoals chloor. Contactlenzen kunnen als een spons werken: ze kunnen water absorberen of vasthouden tussen de lens en je hoornvlies. Daardoor kunnen ziekteverwekkers en chemische stoffen langer in contact blijven met je oog, wat het risico op irritatie, infecties en zelfs ernstige oogaandoeningen vergroot.
Vooral Acanthamoeba, een parasiet die voorkomt in kraanwater, zwembaden en natuurwater, kan zich hechten aan contactlenzen en een ernstige hoornvliesinfectie veroorzaken die moeilijk te behandelen is. Ook bacteriën zoals Pseudomonas kunnen via besmet water in het oog terechtkomen.
Daarnaast kunnen lenzen door watercontact van vorm veranderen, strakker op het oog gaan zitten of zelfs wegspoelen, wat oncomfortabel is en het zicht tijdelijk verstoort.