Oogzalf is een halfvaste, vettige bereiding die je in of rond het oog aanbrengt. De zalf heeft een olieachtige basis, vaak met vaseline, paraffine of lanoline, waardoor de substantie langer op het oogoppervlak of de ooglidranden blijft zitten dan een druppel. Door die langere verblijftijd kan een oogzalf langer werken en wordt de zalf vaak 's avonds of 's nachts gebruikt.
Oogzalven worden voor verschillende doeleinden ingezet. Sommige bevatten werkzame stoffen zoals antibiotica, antivirale middelen of ontstekingsremmers en zijn receptplichtig. Andere zalven zijn bedoeld om het oogoppervlak of de ooglidranden te beschermen, te verzachten of vocht vast te houden, bijvoorbeeld bij droge ogen of geïrriteerde ooglidranden. Die laatste groep is soms vrij verkrijgbaar.
Het verschil met oogdruppels zit vooral in de consistentie en werkingsduur. Oogdruppels zijn waterig en spoelen snel weg; oogzalf is vet en blijft langer hangen. Dat maakt oogzalf geschikt voor de nacht, maar overdag kan de vettige laag je zicht tijdelijk wazig maken.